Beloftekenteken

Wie zijn belofte gedaan heeft ontvangt daarvan een symbool.

Welpen en kabouters krijgen de rode welp of de groene kabouter bij hun eerste belofte, en de grijze welp of kabouter voor hun belofte als tweede- of derdejaars. Deze beloftekentekens zijn een duidelijk symbool voor de belofte die je afgelegd hebt, en moeten er voor zorgen dat je je belofte tijdens de rest van het werkjaar niet uit het oog verliest.

Hetzelfde geldt voor de latere beloftekentekens. Wie als jonggids of jongverkenner zijn belofte doet krijgt de definitieve beloftekentekens die tot het einde van de scoutscarrière telkens weer symbool blijven staan voor alle nieuw gemaakte scoutsbeloftes.

We onderscheiden het beloftekenteken van de scouts en dat van de gidsen. Beide tekens worden afgebeeld op een groen veld, wat verwijst naar de jeugd, de hoop en de natuur. Daarin bevindt zich voor de gidsen een klaverblad, wat staat voor eerlijkheid. Met een beetje verbeelding kan je er ook een vlam in zien die verwijst naar de vriendschap. Voor de scouts staat er op het belofteteken een spiespunt, die sommigen ook als een lelie interpreteren. Zowel lelie als spiespunt staan symbool voor ridderlijkheid,eergevoel en trouw.

Zowel het teken voor de jongens als dat voor de meisjes bestaat uit drie punten, die verwijzen naar de drie delen van de belofte. Je belooft iets voor jezelf, je belooft iets voor de ander rondom jou, en je belooft iets voor de wereld of God. De twee sterretjes met telkens 5 punten in het scoutsbelofteteken, staan voor de tien punten van de allereerste scoutswet. Ook vandaag nog verwijzen ze voor ons naar de beloftetekst van Scouts en Gidsen Vlaanderen, waardoor de belofte ook een collectief aspect krijgt.

in