Zoek
Hallo, ça va? Praat met je kampburen

Jaarlijks trekken we vol enthousiasme op kamp en nog vele anderen met ons. Voor buren van een kampplaats kan het vermoeiend zijn als er na week 1 afval blijft liggen, wanneer in week 2 elke dag hetzelfde kampliedje door de boksen galmt, wanneer er in week 3 weeral voor een appel-en-ei-tocht wordt aangebeld. Probeer dan ook te zien wat erachter zit, wanneer je een onaangename reactie vanuit de buurt krijgt.

Tips dialoog buren - Hoe een conflict oplossen? - Imago van scouting - Zelf last van overlast?

Vele problemen worden vaak klein wanneer je er samen over in gesprek gaat. Je kan je kampbuurt verrassen met een charme-offensief of enkele andere tips toepassen:

  • “Simple, comme ‘bonjour’” Goedendag zeggen toont aan dat je openstaat voor je buren. Het zal de verdere communicatie tijdens het kamp tussen jullie en de buurt vergemakkelijken. Bel aan bij de buren, stel jezelf en je groep voor.
  • Voorzie een SPOC. Een wat?! Een ‘Single Point of Contact’, één contactpersoon waarvan de buren de naam en het GSM-nummer hebben. Mocht je buur dan vragen, opmerkingen, klachten,… hebben dan kan hij jullie vlot bereiken. Het spreekt voor zich dat de contactpersoon de lokale taal machtig is.
  • Als je bij de buren langsgaat kan je hen ook uitnodigen om eens langs te komen op jullie kampterrein.
    Ga nog eens bij de buren langs voor de laatste avond. Tijdens de laatste avond is de sfeer zeer uitgelaten. Daarom waarschuw je best de buren dat het wat rumoeriger zal zijn.
  • Pas de decibels van je tak of groep aan aan je omgeving. Tussen 22u ’s avonds en 7u ’s morgens is nachtlawaai bij wet verboden. Uitzonderingen kunnen altijd aangevraagd worden bij de gemeente (bv. laatste avond).
  • Vraag ook aan de kampeigenaar wat de gevoeligheden in de buurt zijn. Als er reeds een incident was met de vorige groep, die op dezelfde locatie op kamp was, is het handig van hiervan al op de hoogte te zijn.

Ontstaat er ondanks alle goede zorgen toch een conflict?

  • Luister naar de verzuchtingen van de buren of uitbater en toon begrip. Zorg dat ze zich gehoord voelen.
  • Geef aan wat de beleving van jullie als groep is en hoe je de buur/uitbater tegemoet kan treden in zijn/haar klacht. Als je niet meteen een antwoord weet, zeg dan dat je gaat overleggen met je leidingsploeg en koppel nadien terug.
  • Wie weet heeft jouw kampgemeente wel een Monsieur of Madame camp. Zij kunnen mee bemiddelen wanneer er zich problemen voordoen.
  • Geraak je er niet aan uit? Bel dan even met de pedagogische staf.

Imago van scouting

Verantwoordelijk optreden en respectvol zijn in omgang met anderen zijn scoutswaarden. We vragen je dan ook om dit zoveel mogelijk in acht te nemen. Besef ook dat steeds wanneer je je in het openbaar toont in je scoutshemd je op dat moment meebouwt aan het imago van scouting. Draag er zorg voor!

 

Last van vandalisme?

Op kamp kan je al eens last hebben van plagerijen of vandalenstreken en diefstal met kwaad opzet. Hoe ga je daarmee om?

a) Preventief

  • Informeer bij de kampuitbater of groepen, die voor jou op kamp waren, last hadden van ongewenste bezoekers.
  • Maak uitgebreid kennis met de buren. Een goede band met de buren zorgt voor sociale controle; ook al vraag je dat niet expliciet.
  • Steel zelf geen vlaggen van andere groepen. Jullie bedoelen het misschien speels, maar niet iedereen houdt hiervan en dit kan escaleren in vervelende repressailles.
  • Je kan zeker een vlag van Vlaanderen aan de vlaggenmast ophangen. Vergezel die vlag echter steeds van een Belgische vlag. Zo geef je geen boodschappen die verkeerd kunnen geïnterpreteerd worden en aanleiding geven tot slechte relaties met de buurt.
  • Denk na over de opstelling van je kampterrein. Plaats niet alle tenten langs de kant van de weg, maar bv. eerst een leidings-of fouragetent en verderop de slaaptenten.
  • Laat nooit je (tenten)kampterrein onbeheerd achter. Ook niet om langs te gaan bij je leden die op tocht zijn. Dit betekent inderdaad dat er steeds iemand "de wacht" zal moeten  houden en met twee is dat leuker.
  • Neem geen dure spullen mee op kamp en berg al je materiaal goed op. Zo breng je potentiële dieven niet in verleiding. Je kan ook vooraf een inventaris opmaken, zodat je in geval van diefstal gemakkelijk aangifte kan doen bij de politie en verzekering.

b) In geval van problemen

  • Standaard vragen we aan kapoenenleiding om bij de leden in dezelfde slaapruimte te slapen. Voor andere takken is dit niet nodig (mits enkele voorzieningen). Indien jullie last hebben van ongewenste bezoeken kan je dit wel invoeren.
  • Spreek af met leden en leiding wat jullie doen in geval van een ongewenst bezoek. Blijf kalm en neem geen onnodige risico's.
  • Geef je leden ev. een megafoon of fluitje zodat ze alarm kunnen slaan, wanneer ze ongewenst bezoek hebben. Zorg er wel voor dat ze elkaar niet nodeloos de stuipen op het lijf jagen!
  • Eventueel kan je ook een beurtrol afspreken met de leiding om een nachtwacht te voorzien.
  • Indien er schade is, trek foto's en doe aangifte bij de politie.
  • Je hoeft de noodpermanentie niet 's nachts te verwittigen. Maak de volgende dag wel melding van het voorval en bezorg het pv-nummer aan Scouts & Gidsen Vlaanderen.
  • Indien je leden iets gemerkt hebben van ongewenst bezoek maak dan ruimte om hierover te spreken. Indien nodig kan je de ouders ook feitelijk informeren over het voorval.