Zoek
Alles over stagebegeleiding

Zin om beginnende leiding en jins te begeleiden? Dat kan. Als stagebegeleiding volg je cursisten op na Animator en zorg je ervoor dat ze aan de slag gaan met wat ze op cursus ontdekten. Ontdek hier de voorwaarden, tijdsbesteding, aanpak en tips.

Wie mag stagebeleiding worden?

Als stagebegeleid(st)er:

  • behaalde je een attest Hoofdanimator/Instructeur,
  • of behaalde je een diploma of getuigschrift hoger onderwijs van studies die minimaal zestig uur pedagogische vorming omvatten,
  • of ben je beroepskracht op een jeugddienst of in het jeugdwerk,
  • bezit je een bewijs van deelname aan workshop voor stagebegeleiding zoals de vorming over coaching die je kan volgen op basisweekend.

Wat moet ik weten?

Een animatorstage duurt 50 uur. De cursist heeft een trajectboekje waarin hij zijn voortgang bijhoudt. Hier kan je als stagebeleid(st)er opmerkingen in schrijven. De competenties vind je ook terug in het trajectboekje zelf. Jins kunnen hun stage pas eindigen als ze in leiding komen. Dat is een pedagogische keuze.

Wat moet ik doen?

Vooraf

  • Vul je gegevens in op p. 5 en p. 11 van het trajectboekje.
  • Bespreek met de stagiair wat hij of zij uit de stage wil halen.

Tijdens

  • Pols af en toe bij de stagiair hoe het gaat. Je kan ook een tussentijdse evaluatie inlassen.

Achteraf

  • Na 50 uur stage doe je best een afrondingsgesprek. Hierin maak je samen met de stagiair de balans op na 50 uur cursus.
  • Vul daarna p.33 van het trajectboekje in. Je beoordeelt de cursist als geslaagd of niet geslaagd op zijn of haar stage.
  • Je past de beoordeling aan in de kavo-tool of je laat dat doen door de stageplaatsverantwoordelijke. Meer info over hoe dat moet vind je hier.
  • Je mag als stagebegeleider ook mailen naar vorming@scoutsengidsenvlaanderen.be. Dan zorgen wij voor de beoordeling.

Wat moet ik dan vragen?

Er zijn verschillende manieren om een animatorstage te begeleiden. Hieronder enkele richtvragen om zo’n begeleiding aan te pakken.

  • Wat heb je op cursus geleerd?
    Voor jins of leid(st)ers aan de animatorstage beginnen, hebben ze er al een cursus opzitten. Kijk samen met de jin of leid(st)er eens terug op de cursus. Wat hebben ze daar geleerd? Hoe gaan ze dat toepassen in de groep, tijdens een spel of activiteit?
  • Waar zit jouw talent?
    De jin/leid(st)er beoordeelde zijn of haar eigen kwaliteiten in het boekje al op cursus. Kijk als stagebegeleid(st)er naar waar de persoon goed in is. Hoe passen ze dit toe in de groep? Welke talenten zouden ze nog meer kunnen tonen?
  • Wat heb je gedaan? Wat heb je uitgeprobeerd?
    Vraag aan de stagiair concrete voorbeelden van wat hij of zij doet in zijn tak. Doe dat zelf ook als je feedback geeft. Als je een concreet voorbeeld geeft, kan de stagiair er beter over nadenken. Wat heb je zoal gedaan om een competentie te versterken? Wat heb je gedaan in je tak? Welke taken heb je uitgevoerd?
  • Waarin ben je in gegroeid?
    In het trajectboekje kunnen de stagiairs zichzelf punten geven op de vooraf opgestelde competenties. Er is ook plaats om de groei tijdens de stage in het boekje te noteren. In welke competentie ben je sterker geworden? Waar heb je op ingezet?

Nog tips?

Sfeer

Probeer van de begeleidingsmomenten iets gezelligs te maken. Dat neemt de spanning weg. Voorzie een lekker drankje en eventueel een chipje. Kies een locatie waar je niet zo vaak komt.

Creativiteit

Er zijn veel verschillende manieren om de competenties te schalen. Zo kan je de competenties voorstellen als thermometers: hoe warmer, hoe beter de toekomstige animator is in de competentie. Of stel de competenties voor als een pizza. De competenties waarop de stagiair goed scoort, krijgen meer pizzapunten dan de andere. Zo kan je gemakkelijk zien in welke competenties de stagiair nog kan groeien en waar hij of zij nog aan moet werken.

Tijd

Stagiairs begeleiden kost tijd. Neem je tijd voor tussentijdse babbeltjes. Vraag eens hoe het gaat na een vergadering. Zorg ervoor dat je de stagiair aan het werk ziet. Vraag desnoods ook aan andere leiding hoe jouw stagiair het doet. Verwijs hier ook naar in het afsluitende gesprek.