Zoek

In nood

Eigenaar: Personeel Secretariaat

Korte omschrijving:
Wat te doen bij nood- en crisissituaties?

Doelpubliek:
  • leiding
  • groepsleiding
  • dcs

Tijdsduur: <= 1 uur

Verloop:

1. Rondje kennismaking

-       Hoe heet je, uit welke groep kom je

-       Wat verwacht je van deze werkwinkel

2. Wat kan je van dit aanbod verwachten

De verwachtingen voor dit aanbod zijn hoofdzakelijk:

-       niet dat iedereen een handleiding meekrijgt van regels die je moet volgen om nooit in een crisis te belanden, maar:

-       wel er bewust mee omgaan zodat er duidelijk mee omgegaan kan worden als ze zich voordoen.

-       gewoon afgaan op je gezond verstand kan vaak al heel veel helpen

3. De werkwinkel zelf

a)  Inleiding

 

Wat is een crisissituatie? (**)

 

b)  Het inleefspel

 

Doelstelling:

 

Tijdens een crisissituatie heb te maken met o.a. de volgende problemen:

-       de communicatie loopt heel verwarrend

-       het is moeilijk om een algemeen zicht te houden op het gebeuren

-       het is moeilijk controle te houden over je groep

Daarom dit spel om aan den lijve te ondervinden dat er probleem zou kunnen zijn en dat het moeilijk is de perfecte ‘crisismanager’ te zijn op het moment dat het echt nodig is.

 

Situatie:

 (dit kan je voorlezen om de mensen in te leiden)

 “Tijdens werken aan het lokaal worden er grootse zaken gedaan: een dak moet worden vervangen, de keukendeur wordt gerepareerd, materiaalkot/sjorhoutkot is volledig leeggehaald, grondig gekuist en krijgt een laag verf erbij.

Ouders en leiding werken hoofdzakelijk aan het dak, terwijl givers en jonggivers het materiaalkot bewerken.

Opeens gebeurt het: …

Bij deze is dan meteen iedereen ingelicht van de beginsituatie. De rest wordt niet hier verteld, maar aan mensen doorgegeven via papiertjes, die je terugvindt aan het einde van dit document.

 

Hoe te spelen:

Naar gelang het aantal deelnemers zijn er de volgende mensen in het spel:

-       1 groepsleid(st)er

-       1 of meerdere medeleid(st)ers

-       1 of 2 buurmannen

-       1 of 2 reporters

-       eventueel 1 of 2 observators (? ‘t is maar een ideetje) die proberen te noteren wat er goed loopt / mis loopt / opmerkelijk is

==> als er echt veel volk is kan je eventueel enkelen als jonggids/jongverkenner laten meedoen, met de bedoeling dat de medeleiders hen ook moeten mee begeleiden: ze mogen niet in de weg lopen van hulpdiensten en kunnen ondertussen al het werkmateriaal opruimen…

 

Start / stop:

 De werkwinkel start met:

-       Iedereen binnen, behalve reporters en buurmannen

-       Spelleider geeft startsein:
Dit kan je doen door het met wat chaos-elementen in te kleden. Bijvoorbeeld een zwaailicht en een cd-speler waar lawaai uit komt aanzetten, wat het start-signaal is voor de situatie

-       De bedoeling is dat iedereen zo goed mogelijk doet wat op zijn/haar kaartje staat.

-       Buurman(nen) komen eerst binnen,

-       Even later de reporter(s),

-       Reporters geven stopsein:
De reporters hebben de opdracht het gebeuren te verslaan en jij zegt ze dat ze klaar zijn als ze genoeg informatie hebben om een artikel in de krant erover te schrijven. Uiteindelijk moeten deze reporters dan ook hun artikel voorlezen zodat kan worden vergeleken met de echte situatie

 

Hoe te evalueren:

Aan het einde van de werkwinkel doen we eventjes een rondje van hoe het gegaan is. Daar het voor de groepsleid(st)er in het bijzonder best wel spannend was beginnen we bij hem/haar en maak je hem/haar ook duidelijk dat hij/zij een minder makkelijke taak had.

Zo ook voor de reporters.

 

Overgang: (**)

Ok, na een rondje kan er besloten worden dat een crisis-situatie niet eenvoudig in de hand te houden is, het is daarom belangrijk om:

Eerst alle leden/leiding naar een veilige plaats te brengen Indien nodig het noodnummer van Scouts en Gidsen Vlaanderen bellen 0474 26 14 01, Je zal je verhaal moeten inspreken Er op toezien dat er geen paniek in de leidingsploeg is en er genoeg leiding bij de leden is om paniek te voorkomen bij de leden; ze zonodig gerust stellen, al is het maar door spelletjes te spelen, of rustig te praten over wat er is gebeurd Directe en duidelijk afspraken te maken / opdrachten te geven Met de groep (als de situatie er zich toe leent) praten en overeenkomen hoe het allemaal liep, zodat iedereens visie hetzelfde is en misverstanden van tafel kunnen worden geveegd Eén communicatiekanaal af te spreken waar externen mee mogen praten Een actieplan op te stellen omTen eerste: de acute situatie aan te pakken Ten tweede: hoe dit te voorkomen in de toekomst?

c)  De uitwisseling

 

Doelstelling:

Deze uitwisseling zorgt ervoor dat:

-       Iedereen terug nadenkt over situaties die zich vroeger hebben voorgedaan, om te beseffen dat het best wel regelmatig voorkomt bij elke groep (!)

-       Mensen van elkaar leren, want er zullen gelijkaardige situaties zijn, met verschillende aanpak

-       mensen beseffen dat een crisissituatie niet enorm groot hoeft te zijn: als je op het kampterrein twee ruziënde ouders hebt, mag je dat al als zo’n situate beschouwen

 

Hoe aan te pakken:

Bij dit deel is het heel eenvoudig de bedoeling dat één iemand begint te vertellen over iets wat hij/zij of zijn/haar voorgangers hebben meegemaakt. maar: zeer belangrijk om hier iets uit te halen is:

Na iedere vertelling van een situatie moet die verteller erbij zeggen wat de troef is die je daar hebt toegepast, waardoor je de situatie gered hebt, of zou hebben moeten redden. Zodat we uit elk verhaal heel duidelijk een leerpunt kunnen halen (Mocht de verteller op dat moment echt op niks komen, kan in groep nagedacht worden wat een troef was, of welke troef er uitgespeeld had kunnen worden).

 

Besluit:

Het resultaat van deze gespreksronde zal zijn een stapel van verhalen met daarnaast een stapel van troeven die vroeger gebruikt om problemen op te lossen

4. Afronding

Als het tijd is, gewoon even iedereen bedanken voor de komst en eens informeel vragen wat iedereen ervan vond.

Eventueel kan je iedereen de brochure Blauw Licht cadeau doen…



Bijlages:
in