Zoek

Milieuvriendelijk kamperen

Eigenaar: Ploeg Vorming In Scouting

Korte omschrijving:
De doelstellingen zijn om een overzicht te geven van de aandachtspunten om milieuvriendelijk op kamp te gaan en ook bewustmaking.

Doelpubliek:
  • jins
  • leiding
  • groepsleiding

Tijdsduur: <= 2 uur

Verloop:

Duur werkwinkel: 90-120 min

Doelgroep: givers tot leiding

Aantal deelnemers: minimum 10/ maximum 20

Aantal begeleiding: 1 tot 2

Doelstellingen: Overzicht geven van de aandachtspunten om milieuvriendelijk op kamp te gaan, bewustmaking.

Tips bij het geven van deze werkwinkel: Begin er op tijd aan en gebruik zeker de boeken loslopen wild deel II, zorg dat je aan enkele brochures geraakt. Enige achtergrondkennis wat betreft milieu en ecologie is niet onhandig.

Materiaal

  • Brochures Jeromweb, Loslopend wild, ...
  • 5 flappen, 5 stiften, papiertape
  • 2kg aardappelen (alle groottes), 5 vorken,
  • boek loslopend wild, deel II

Interessante boeken of websites

 

Opbouw werkwinkel

Onthaal en Kennismaking

Namen overlopen, met papiertape en een alcoolstift etiketjes opplakken.

Opwarmertje 1: je schrijft één naam van één van de deelnemers in ieders hand, je gebruikt elke naam maar één keer zodat iedereen één naam heeft van een andere deelnemer. Tip: Laat dit één van de deelnemers doen en leg ondertussen het spel uit. Dat gaat als volgt: tikkertje, als je getikt bent, ga je met je benen wijd open staan, je kan verlost worden door je engelbewaarder (diegene die je naam in zijn hand heeft staan). Laat dit enkele minuten duren en zorg dat de tikker afgelost wordt indien nodig.

Tweede opwarmertje: Wedstrijd aardappelgooien. Verdeel de cursisten in groepjes van ongeveer 4 mensen. Geef ieder groepje een zestal aardappelen (je kan er tijdens het spel nog enkele geven) en één vork. Van ieder groepje gaat er één iemand tegen een muur staan, de rest op een 8m afstand. De bedoeling is dat de mensen in het groepje de aardappelen naar hun ploegmaat gooien zodanig dat deze de aardappel kan opvangen op zijn vork. Als de aardappel blijft steken op de vork heeft de ploeg 1 punt en gaat diegene die de aardappel gooide de opvanger aflossen. Wie het eerst 10 punten heeft krijgt een prijs. Bijvoorbeeld een brochure van "loslopend wild".

Dit laatste opwarmertje is vrij hectisch en kei leuk, de meeste cursisten blijken al blij te zijn met de brochure.

Hierna is iedereen goed losgekomen en kan je de achtgrond en de verwachtingen opvragen. Bijvoorbeeeld, van welke groep/tak komen, doen ze al iets aan een milieuvriendelijk kamp, waarom hebben ze deze werkwinkel gekozen en wat denken ze hier op te steken.

 

Inhoud werkwinkel

Fase 1: Bespreken stellingen (30 min)

Je geeft de groep enkele stellingen en deze worden dan in groep besproken. Je kan dit op de volgende manier doen: je verdeelt de deelnemers in zo gevarieerd mogelijke groepjes. Ieder groepje duid een ambassadeur aan en bespreekt onderling de stelling. Je kan elk groepje vragen om tot een beknopte consensus te komen. Daarna wordt de stelling in de hele groep besproken door de ambassadeur. De ambassadeur kan worden teruggeroepen als het groepje niet meer akkoord is met wat hij vertolkt. Daarna kan iedereen die wil nog iets zeggen over de stelling. Als de groep niet te groot is, kan de ambassadeur worden weggelaten en kan je afwisselend een stelling in de volledig groep en in de kleine groepjes laten bespreken.

Stellingen:

- Een kampvuur is luchtvervuiling. (Aandachtspunten: zowel aanmaakvloeistoffen als het verbranden van allerlei afval achteraf is zeer schadelijk, leeghalen van het bos en als dusdanig waardevolle biotopen vernietigen, CO2 speelt hier geen rol omdat je geen extra CO2 in de kringloop brengt, de vrijgekomen CO2 is immers pas recent (=10, 20, 30 jaar geleden) opgeslagen in hout, dat is anders met steenkool en olie.)

- Water verbruik je zo weinig mogelijk. (watergebruik op een tentenkamp is sowieso al veel lager als thuis, opletten met detergenten, ...)

- De trein is het meest ideale vervoersmiddel voor een milieuvriendelijk kamp. (afhankelijk van de tak is de fiets ook goed, de afstand tot de kampplaats is belangrijk, verplaatsingen zo collectief mogelijk, groepskortingen maken de trein ook heel goedkoop).

- Het kampboekje wordt op gerecycleerd papier gedrukt.

(dit papier is niet langer bruin, is ok voor copiemachines, op A5 is dikwijls leuk en zuiniger, ...)

- 1 pillamp per tent, zo worden er veel minder batterijen verbruikt. (tegenwoordig pillampen zonder batterijen, pillampen met LED'jes verbruiken veel minder, ...)

Spelletjes om iedereen terug te activeren: Ga in een cirkel staan. Iedereen gaat nu nu achter elkaar lopen terwijl er tot zeven wordt geteld, iedere tel zet je één pas, bij zeven draait iedereen om en tel je tot zes, bij zes draait iedereen om en tel je tot vijf, en zo verder tot 1 en dan terug tot zeven. Draaien = 1 tel. Meestal lukt dit niet van de eerste keer, eventueel herhaal je alles, eerst op een trager tempo tot het lukt of je gaat verder met de werkwinkel.

Fase 2: Overlopen huidige inspanningen en wat kan beter.

Ieder groepje (eventueel groepjes anders indelen) krijgt een flap met een sleutelwoord:

  • Kampplaats (nabijheid winkels, aanwezigheid sjorhout, afvalinzameling gemeente, bereikbaarheid met het openbaar vervoer)
  • Aankopen (Wie, Wat, Wat, Wat neem je mee van thuis)
  • Verplaatsingen ( van de leden, van het materiaal, wat neem je mee van je thuisbasis)
  • Organisatie (Wat met het afval, stromend water, electriciteit, hoe wordt er gekookt)
  • Programma (welke activiteiten, welke hinder en schade voor de omgeving)

 

Fase 3: Uitwisseling en vragen.

Waar zijn ze heel trots op in hun groep, wat zou men nog willen weten, blablabla, ...

 

Tips ecologisch kamperen

1. t-shirts verven

Je kan t-shirts verven met natuurlijke producten.  Als je rode kool of rode biet kookt, kleurt het water rood.  Als je hierin t-shirts dompelt (evt. gebatikt met sjortouw) dan kleuren ook je t-shirts rood.  Hetzelfde effect krijg je met vlierbessen.  De bruine schillen van een ajuin geeft geel en varens zou groen geven (maar daar hebben wij op HO weinig van gemerkt).

2. lijm maken

Een paar lepels aardappelbloem laten koken in wat water geeft een behanglijmachtige substantie waar je dan mee kan lijmen.  Als je een klein beetje van het gekleurde water gebruikt (t-shirts), krijg je gekleurde lijm. Oop HO heeft iemand dit ook als gel gebruikt en ook dat leek me te lukken.  Een ander idee was om het niet te gebruiken als lijm, maar als blubber (bv. wat iemand in een bepaalde tv-kwis over zijn hoofd krijgt als hij een fout antwoord geeft).

3. warme douche

Je hangt een vat water ergens in een boom waarvan een plastieken darm vertrekt.  Deze darm gaat over in een metalen buis, die je door een vuur laat gaan.  De buis wordt weer darm en als het goed zit, zit er aan het uiteinde van die darm een gaatje waar nu warm (?!) water uit komt.

4. kip aan 't spit

Op de velg van een fietswiel hebben we potjes van filmrolletjes bevestigd.  De as van het wiel wordt verlengd zodat je hem in 2 vorken kan steken.  Aan deze as kan je een kip hangen.  Wanneer je nu met behulp van een druppelteller water in de potjes van het fietswiel laat druppelen, gaat het wiel langzaam draaien en dus ook de kip. Oonde de kip vuur maken, wachten en eten.  Heel mooi om zien, wel veel knutselwerk op voorhand.

5. rijst in een gaarbak

Je zet een pot rijst op het vuur en haalt die eraf van zodra het water kookt.  Je zet de pot in een kartonnen doos die je in een houten bak zet die gevuld is met hooi.  Het goedje blijft voldoende warm om de rijst te laten garen.

6. vis op stenen

Je legt stenen in een vuur tot ze echt warm zijn.  Van zodra ze warm zijn, leg je ze in een kuil en bedek je de stenen met bladeren.  Hierop komt vis (forel of zo) en opnieuw bedekken met bladeren.  Tot slot de kuil afdekken met zand.  Na drie kwartiertjes is de vis gaar (en lekker).  Zorg er wel voor dat de kuil voldoende breed is, dan kan je later de vis makkelijker uitgraven zonder hem in contact te laten komen met zand.

7. kippen

Wij hadden ook 2 kippen mee, vermits je dan op kamp heel wat huis- en tuinafval niet in groene zakken of afvalputten moet steken, maar je het gewoon aan hen kan geven. 


Bijlages:
in