Zoek

Moeilijk gaat ook - probleemoplossend denken

Eigenaar: Ploeg Groepsleiding

Korte omschrijving:
Hoe beschouw je een probleem als een uitdaging? Hoe kan projectwerking daarbij helpen?

Doelpubliek:
  • leiding
  • groepsleiding

Tijdsduur: <= 2 uur

Verloop:

Doel: de deelnemer

-          krijgt zicht op WAT veroorzaakt een probleem

-          ervaart een aantal PROBLEEMOPLOSSENDE methoden

En verder: de deelnemer

-          beschouwt een probleem als uitdaging in plaats van als rem

-          krijgt een impuls om projectwerking toe te passen.

 

Duur: ca. 2 u.

Doelgroep: 10-tal giverleiding.

 

Materiaal:

-          Verkleedkleren + kleren Kelly, Franske, Johny en Ronny.

-          Oude auto, karton, stof, aluminiumfolie, .. (groot knutselmateriaal)

-          Spaghetti

 

Bondig verloop:

1.     Groepsopdracht: mislukervaring (15 min)

Ervaren elementen die probleem veroorzaken

2.     Methodiek rond wat veroorzaakt een probleem en voorbeelden ervan. (15 min)

-          wat veroorzaakt een probleem

-          welke problemen ken ik uit mijn eigen (giver)tak.

3.     Verschillende kleine probleemoplossende methoden.

-          motiveren en verkleden (15 min)

-          consensusvorming (gespreksmethodieken) (30 min)

-          toekennen van verantwoordelijkheden en projectwerking. (15 min)

4.     Waar plaatsen we deze methodieken binnen de eigen tak? (15 min) 5.     Evaluatie nut methodiek.  (5 min)

 

Verloop:

1.    Groepsopdracht: mislukervaring

Opdracht:

de groep is in twee gesplitst, elk aan een kant van een hindernis (schommel of prikkeldraad of paal of…).

Iedereen moet van plaats verwisseld zijn.

Een spaghettistrootje moet bij elke oversteek meegaan zonder te breken

Eén persoon krijgt als rol de tegenwerker

Eén persoon krijgt als rol de twijfelaar (elk besluit in twijfel trekken)

Enkele extra moeilijkheden zijn een korte tijdslimiet, het niet raken van de hindernis, …

De speluitleg wordt autoritair en onduidelijk gebracht; tegenstrijdige inbreng van de twee begeleiding.

 

De groepsopdracht is zo opgebouwd dat het waarschijnlijk zal mislukken.

Het bevat een aantal typische probleemelementen om weerstand op te roepen:

-          autoriteit

-          onduidelijkheid

-          weerstand

-          te grote drempels; lat ligt te hoog

-          (onbekende groep)

-          (gevaar)

2.    Methodiek rond wat veroorzaakt een probleem en voorbeelden ervan.

Met als input de mislukte groepsopdracht.

Franske (seut) en Kelly (hyper) zijn van het ‘maatschappelijk bureau der giverleiding’

De groep splitst zich om antwoord te zoeken op twee vragen.

 

Bij Verlegen Franske gaat het er indirect aan toe:

In een kring; iedere zoekt één kernwoord bij de vraag ‘wat veroorzaakt een probleem’;

De eerste fluistert het door naar de volgende; die er het zijne aan toevoegt en de twee weer verder doorfluistert, enzovoorts; totdat de laatste de 5 woorden opschrijft.

 

Bij Actieve Kelly gaat het er luidruchtig aan toe, zij kickt op gewelddadige klanten.

Ieder zoekt een probleem waar het nu mee te maken heeft binnen de eigen tak, of waar het onlangs mee te maken had. Het probleem mogen ze pas vertellen als ze tegelijk met iets naar Kelly gooien, of luid roepen, of met vuisten op tafel slaan.

 

Als iedereen geweest is; wisselen de twee groepen; zodat ieder op elke vraag heeft geantwoord.

Tenslotte een korte briefing door Franske en Kelly naar elkaar en de rest van de groep.

 

 

3.    Verschillende kleine probleemoplossende methoden.

 

Methode 1: ivm motiveren en verkleden

A. Methodiek:

Franske en Kelly zijn samen overgestapt naar de VDAB, en verzorgen daar nu de navorming.
We spelen eerst het spel ‘bah neen; daar heb ik geen goesting in’, wat ineens ook het antwoord is op elk voorstel dat iemand geeft in verband met een thema om te doen.
Vervolgens spelen we het spel ‘ja, fantastisch, dat doen we!!’, waar iedereen bij een verkleed kledingsstuk een voorstel doet beloond wordt met de uitvoering van dat idee en een applausje op de koop toe.

B. Duiding:

-          Meegeven: Enthousiast motiveren werkt

-          Meegeven: Verkleden werkt enthousiasmerend

-          Terugkoppeling naar de takwerking: wat kan je hiervan gebruiken?

 

Methode 2: consensusvorming (gespreksmethodieken)

A. Methodiek deel 1:

Wij als begeleiding zijn plots grl. De deelnemers zijn takleiding. We hebben als grl alcohol gezien bij de givers en vragen wat daar de regel rond is.

Links gaat de groep zitten die vindt dat alco OK is, rechts die wat niet akkoord zijn.

We proberen via consensus een regel op te stellen.

Als grl geven gebruiken we expliciet gespreksmethodieken zoals

-          Voldoende informeren

-          actief luisteren

-          regelmatig checken

-          bij de vraagstelling zoeken naar de fundamenten/onderliggende motieven (waarom vind je dat belangrijk) ipv de argumenten (waarom ben je voor/tegen)

 

B. Terugkoppeling:

-          naar de gespreksvaardigheden: Wat neem ik mee als ik zelf een gesprek moet leiden?

 

C. Methodiek deel 2:

Twee vrijwilligers letten begeleiden een nieuwe discussie terwijl ze rekening houden met de gespreksmethodieken. Als grl hebben ze gemerkt dat sommigen zich storen aan de relatie tussen een giverleiding en een giver. Ze vragen aan de rest van de takleiding of er een afspraak rond moet komen.

 

D. Terugkoppeling:

-          meegeven: gespreksmethodieken kunnen zowel gebruikt worden als het gesprek ontspoord is als preventief om problemen te vermijden.

-          naar de takwerking: waar kan ik dit binnen de takwerking gebruiken?

Methode 3: toekennen van verantwoordelijkheden en projectwerking.

A. Methodiek: groepsopdracht (succeservaring)

De deelnemers krijgen een miniproject voorgelegd: op 10 minuten tijd moeten ze een auto klaarstomen voor de tuning-beurs van Johny en Ronny. Met een hoop karton, nep-leer, alufolie, … moeten ze dus spoilers, verlaging, vette uitlaat, tuning-logo… enz in elkaar knutselen.

De verschillende stappen binnen projectwerking worden expliciet overlopen.

Vooral tijdens de uitvoeringsfase krijgt ieder een verantwoordelijkheid toegewezen, en worden ze daar ook steeds in bevestigd en beloond.

 

B. Duiding:

-          meegeven: verantwoordelijkheden toekennen werkt preventief tegen problemen

-          meegeven: stappen binnen projectwerking.

 

4.     Waar plaatsen we deze methodieken binnen de eigen tak?

-          Kunnen we iets gebruiken van ‘motiveren en verkleden’

-          Kunnen we iets gebruiken van ‘consensusvorming en gespreksmethodieken’

-          Kunnen we iets gebruiken van ‘toekennen verantwoordelijkheden en projectwerking’

 

5.     Evaluatie nut methodiek.

Heeft de deelnemer zicht op wat een probleem veroorzaakt?

Heeft de hij/zij een aantal probleemoplossende methoden ervaren?

Beschouwt hij/zij een probleem als uitdaging in plaats van als rem?

Heeft hij/zij krijgt een impuls om projectwerking toe te passen.

Kan hij/zij stukken gebruiken om de geschetste problemen uit de eigen tak aan te pakken.


Bijlages:

in