Heldenfestival

Details

Duur: 120 minuten

Groepen: 4

Leeftijd: van 6 tot 12 jaar

Spelers: van 1 tot 99

Soort: groepsvormend , kwissen en opdrachten

Terrein: grote ruimte , groot

Thema's: fantasie

Speluitleg
SPELVERLOOP
Start
Toneeltje met Romeo en Julia. Julia staat op het balkon en Romeo zit geknield onder het balkon met een roos in de mond.
R:Oh Julia, je bent lieftalliger dan ooit in dit wonderbaarlijke gewaad.
Je bent net een prinses, een lentegodin.
J:Mijn prins, het is niet aan mij om je tegen te spreken.Als ik mezelf echter zo in de
spiegel zag zou ik me doodschrikken.
R:Ik zegen de dag dat mijn volk me de weg naar je vadershuis wees.
J:Het grote verschil in afkomst tussen ons maakt me bang.Jij kan niet weten wat die
angst betekent.De gedachte alleen al dat mijn vader, net als jij, zomaar toevallig,
hierlangs kan komen.Wat zou hij zeggen als hij het kostbaarste dat hij bezit in dit armzalige gezelschap aan zou treffen?Hoe zou ik, in dit geleende kostuum, zijn strenge blik kunnen verdragen?
R:Lieve Julia, breek je mooi hoofdje ook niet op die zorgelijke gedachten.
Als ik niet van jou kan zijn, mijn liefste, dan ben ik mezelf niet, dan ben ik niets voor niemand.
Och, als ik een van je schapen was vergat ik te grazen en keek ik alleen maar begerig naar jou.
J:Ach, maar dan word je zo mager dat de gure winterwind door je botten heen zou
blazen. Ik voel me net een herderinnetje in een pastoraal toneelstuk.
Het komt door dit idiote kostuum.
R:Alles wat je doet krijgt vleugels.Zoals je zingt en danst en praat en denkt.
J:Je overdrijft.Als ik niet beter wist zou ik denken dat je met al je mooie woorden
een spelletje met me speelt.
R:Dat is nou net de bedoeling.We gaan een spel spelen met alle mensen in deze zaal.
J:Zo heel dat spelletje doen?
R: Heldenfestival!
J:Dat spelletje ken ik ook…
Groepsindeling & speluitleg
De deelnemers worden ingedeeld in groepjes van vijf.Elk groepje krijgt een held of een heldenduo toegewezen in wie ze zich moeten verkleden.De groepjes nemen het in een tiental uitdagingen tegen elkaar op.Het uiteindelijke doel is dat er op het einde van de activiteit één held (uit het groepje met de meeste punten) en één loser (uit het groepje met de minste punten) tevoorschijn komen.
Mogelijke helden voor de verkleedopdracht:
- Tarzan en Jane
- Karate Kid
- Elvis
- Para’s
- Barbie
- Maffia
- Smurfen
- Simpsons
- Vlaamse zangers
- …
Elke uitdaging wordt voorafgegaan door een hint.Per groepje gaan één of meerdere personen de uitdaging aan.De anderen helpen bij het verwezenlijken ervan.
Bij aanvang van de activiteit krijgt elke groep de kans om zichzelf voor te stellen.Zij worden hierbij beoordeeld op kledij enerzijds en op expressiviteit en originaliteit anderzijds.De groep die wint krijgt bij aanvang van het spel 10+3 hartjes, de groep die tweede wordt 10+2 hartjes en de groep die derde wordt 10+1 hartje.
Heb je meer groepen, pas dan de aantallen aan.
Op het einde van de activiteit neemt de groep met de meeste hartjes (de helden) het op tegen de groep met de minste hartjes (de losers).De helden maken de losers klaar.Ze wassen het haar en verven de lippen van de losers met hun voeten, twee aan twee.Het koppel dat het best in deze opdracht slaagt, wint.
Doorheen de verschillende uitdagingen loopt een rode draad.

Uitdagingen
1.Slowen met de handen op de rug en intussen om ter snelst een appel ingesmeerd met
stroop opeten.

Hint: “Willem Tell ging de geschiedenis in als een held nadat hij een appel op het hoofd van zijn zoon feilloos doormidden kliefde met een kruisboog.Wie voelt zich geroepen om een minstens even heldhartige stunt met een appel uit te voeren?”
2. Het gezicht van één persoon van de groep zo mooi mogelijk versieren als taart.
Daarna de zelfgemaakte ‘taart’ zo snel mogelijk opeten, de handen op de rug.
Hint: “Brad Pit en Demi Moore, twee helden van het witte doek, werden bekend omwille van hun versiertalent.Wie van jullie stelt zich kandidaat om versierd te worden?”
3.De teennagels van alle groepsleden zo snel mogelijk lakken.

Hint: “Jullie weten nu al hoe het voelt om versierd te worden.Wie heeft er zin om zijn gevoelens de vrije loop te laten en zelf iemand te versieren?”
4.Eén vrijwilliger van elke groep stelt zich op rond een zwembadje gevuld met water.
Aan de overige groepsleden worden tien vragen gesteld volgens het ren-je-rot-
principe.Bij een fout antwoord moeten de vrijwilligers in vijf fasen in het zwembadje gaan liggen: 1 voet – 2 voeten – 1 knie – 2 knieën – volledig.

Hint: “Ook je IQ kan van jou een held maken.Denk maar aan Einstein. Wie werpt zich op als intelligentst groepslid?”
5. Acht ajuinen schillen en in fijne stukjes snijden.Doorschuifsysteem: Een eerste groepslid start met het schillen van ajuinen.Beginnen zijn/haar ogen te tranen dan wordt het tweede groepslid ingeschakeld enz.Welke groep slaagt erin zo weinig mogelijk leden in te schakelen

Hint: “Echte helden kunnen hun emoties in moeilijke omstandigheden perfect onder controle houden.Ben jij ook zo iemand?”
6.Om ter snelst met kauwgom een KLJ-logo dichtplakken.

Hint: “Afbeeldingen van echte helden plakken overal.Bewijs dat jullie ook helden zijn die kunnen plakken!”

7.Alle groepsleden nemen zo veel mogelijk water in hun mond.Op voorhand wordt meegedeeld dat er een opdracht uitgevoerd moet worden met water in de mond.Na de opdracht wordt het overgebleven water verzameld in plastiekflessen.De groep die erin slaagt het meeste water in de mond te houden heeft gewonnen.
Vervolgens start het lied “Aan de Noordzeekusten”.Alle deelnemers vormen een lange rij op de grond en voeren de bijbehorende bewegingen uit.

Hint: “Helden zijn vaak mondig en laten zich niet onder tafel in praten.Laat eens zien dat ook jullie niet op je mondje gevallen zijn…”
8.De deelnemers van elke groep worden met de voeten aan elkaar gebonden.Na een startsignaal gaan probeert elke groep om ter snelst een waterballon naar een doel over te brengen. De groep die er als eerste in slaagt een waterballon in goede staat naar binnen te brengen, heeft gewonnen.Er mag geprobeerd worden de ballonnen van andere groepen stuk te maken.

Hint: “Laat zien dat jullie echte helden zijn en ook in moeilijke omstandigheden precies kunnen werken.”
9.Eén groepslid duwt zo snel mogelijk een ijsblokje door de broekspijp van de andere groepsleden.

Hint: “Als echte held moet je altijd het ijs durven breken.Ben jij zo’n held?”
10. Op voorhand wordt een berg hooi opgeschud.In die hooiberg worden tien naalden verstopt.Alle deelnemers krijgen vijf minuten de tijd om de naalden te zoeken.De groep die de meeste naalden vindt heeft gewonnen.

Hint: “Echte helden kruipen vaak door het oog van een naald.Heb jij ook zo vaak geluk?”
Puntensysteem
Iedere groep krijgt bij aanvang van de activiteit 10 hartjes.
De groep die wint mag in totaal 3 hartjes roven van een of meerdere groepen naar keuze.De groep die tweede wordt mag 2 hartjes roven en de groep die derde wordt mag 1 hartje roven.
Rode draad
Als een op voorhand afgesproken liedje (Sirtaki) te horen is doet elk groepslid zo snel mogelijk zijn/haar schoenen en sokken uit. Vervolgens wordt een hoofddeksel opgezet en moet er gedanst worden. De groep die op deze manier als eerste de Sirtaki danst heeft gewonnen.Na elke rode draad worden de sokken en schoenen opnieuw aangedaan en de hoofddeksels verspreid.

Finaleronde
De groep die aan het eind van de 10 opdrachten de meeste hartjes heeft verdiend (de helden), neemt het in een finaleronde op tegen de groep met de minste hartjes (de losers). De helden wassen – tweeaan twee - met hun voeten het haar van de losers en verven hun lippen, eveneens met de voeten.
Wie het best in deze opdracht slaagt worden uitgeroepen tot held en loser.

Materiaal

Materiaal:
  • Per 2 deelnemers 1 appel
  • Siroop
  • Cassette met een slow, “Aan de Noordzeekusten” en de Sirtaki
  • Soundmix
  • Slagroom
  • Hagelslag
  • Nagellak (minstens 1 flesje per groep)
  • Nagellakremover
  • Watjes
  • Zwembadje
  • Tien moeilijke vragen
  • Vijf ajuinen per groep
  • Eén aardappelmesje per groep
  • Eén KLJ-logo per groep, allen identiek van grootte
  • Kauwgom
  • Kommen
  • Lege plastiekflessen
  • Dweilen
  • Touw om enkels om elkaar vast te maken
  • Waterballonnen
  • IJsblokjes
  • Hooi
  • Tien naalden
  • Eén hoofddeksel per groepslid, eventueel hoedjes van papier
  • Flappen
  • Alcoholstiften
  • 15 kartonnen hartjes per groep
  • Shampoo
  • Lippenstiften (5)
  • Handdoeken
  • Grote plastiek
  • Drie bordjes met A, B of C erop
  • Balken op karton
  • Emmers
  • Vuilniszakken
  • Bekertjes
Rollen:
  • Romeo
  • Julia