NESTkreten

een groep welpen

Bouw samen met je leidingsploeg aan een veilig nest. Een nest waarin leden en leiding zichzelf kunnen zijn en kunnen groeien. Aan de hand van de methodiek NESTkreten werk je aan een veilig basisklimaat in je groep.

NESTkreten bestaat uit 1 affiche

aan de voorkant vind je:
  • een korte introductie bij de tool
  • de visie van Scouts en Gidsen Vlaanderen op integriteit
  • 6 criteria waarmee je kan inschatten of gedrag al dan niet grensoverschrijdend is
  • 5 casussen waarop jullie je nieuwe inzichten meteen kunnen toepassen
aan de achterkant vind je:
  • Een methodiek waarmee je de risicofactoren voor integriteitschendingen in je eigen werking in kaart brengt. Stel een actieplan op en maak van jullie scoutsgroep een veilig en warm nest.

Download NESTkreten

Download de kangoeroe en hang deze mascotte op in jullie lokaal.

illustratie van een scout met een kangoeroepak aan

Extra casussen

Schat zelf in aan de hand van de 6 criteria of de volgende situaties oké of niet oké zijn. Bespreek in groep hoe jullie dit zien. Onder elke casus
vind je onze visie op de situatie.

casus 1

Na herhaaldelijke pogingen van de leiding, zijn de kapoenen ver na slaapuur nog steeds niet stil. De leiding laat de leden als straf buiten toertjes lopen op blote voeten. Na afloop blijkt dat een van de leden hierdoor verwondingen heeft opgelopen aan de voeten. 

Deze situatie is niet oké. Dergelijke sanctie is niet gepast. De leiding zou moeten beseffen dat deze reactie over de grens gaat. Scouts en Gidsen Vlaanderen staat niet achter fysieke straffen.

casus 2

Tijdens zijn totemisatie krijgt Joris een persoonlijke totemproef. Joris ziet de proef niet zitten en raakt volledig paniek. De rest van de givers verzinnen samen met de leiding een alternatieve opdracht waarbij hij zich wel goed voelt.

Deze situatie is oké. De leiding voelt aan dat dit voor Joris een héél moeilijke opdracht is. Ze creëren met de groep een mogelijkheid voor Joris om een andere proef uit te voeren (toestemming). De leiding creëert een klimaat waarbij ze luisteren en inspraak geven aan de leden (gelijkwaardigheid). Totemopdrachten mogen uitdagend zijn. De grens tussen wat iemand aanvoelt als uitdagend of onmogelijk verschilt echter van persoon tot persoon. De groep houdt hier op een goede manier rekening mee (ontwikkelingsniveau).

 

casus 3

Gids Paulien houdt zich bij het laatste kampvuur niet aan de gemaakte afspraken en drinkt meer alcohol dan toegelaten. De leiding neemt haar apart en gaat met haar in gesprek.

Deze situatie is oké. De leiding gaat met Paulien in gesprek. Dit wijst op een onderliggend akkoord (toestemming). Het gesprek gebeurt niet in bijzijn van andere leden. Er is voldoende privacy (context). De leiding zoekt naar een manier om iets af te spreken met Paulien, na het overschrijden van een grens. Door in gesprek te gaan buiten de groep, is er slechts een lichte ongelijkwaardigheid (gelijkwaardigheid).

casus 4

Na het spelletje vleeshoop bij de 14-jarigen zijn enkele meisjes woedend: de jongens hebben in hun borsten geknepen. De jongens lachen de beschuldigingen weg. Achteraf blijkt dat de jongens hadden afgesproken om het meeste 'tieten te knijpen'.

Deze situatie is niet oké. Op deze leeftijd zouden de jongens de grenzen van anderen moeten kennen en daar rekening mee houden (ontwikkelingsniveau). De meisjes hebben hier geen toestemming voor gegeven, en hun bezwaren worden weggelachen (vrijwilligheid). Door het feit dat er stiekem afspraken werden gemaakt, zijn de meisjes niet geïnformeerd (gelijkwaardigheid). Dit is vernederend (zelfrespect). Deze situatie heeft een negatief effect voor alle betrokkenen.

casus 5

Een van de jonggivers vindt weinig aansluiting binnen zijn tak. De rest van de leden lachen hem vaak uit en maken al grappend kwetsende opmerkingen. De leiding zegt al lachend tegen de andere leden dat ze dit niet mogen doen.

Deze situatie is niet oké. De reactie van de leiding is niet gepast. De leiding wordt verondersteld op een verantwoorde manier te reageren (context). De leiding zou in deze situatie kordater mogen optreden. De reactie is niet gepast voor het ontwikkelingsniveau van leiding. Een leider die meelacht met kwetsende opmerkingen van leden, zorgt voor ongelijkwaardigheid binnen de groep. De jonggiver kan niet weg uit deze situatie (vrijwilligheid). De gevolgen van pesten kunnen ernstig en permanent zijn (impact).

casus 6

Tijdens een activiteit op het touwenparcours durft Bram niet meer verder. Hij raakt duidelijk in paniek.  De andere leden staan beneden te roepen en te zingen om hem aan te moedigen. Bram blokkeert hierdoor nog meer. Leidster Tine vraagt de andere leden om even rustig te doen en laat Bram weten dat hij alle tijd mag nemen die hij nodig heeft.

Deze situatie is oké. Leidster Tine grijpt op een goede manier in. Het enthousiasme van de andere leden zorgde voor extra druk bij Bram. Tine heeft hier oog voor en probeert de goedbedoelde druk weg te nemen (vrijwilligheid). Door in te grijpen geeft ze meer privacy aan Bram (context). Bij dit soort uitdagingen heeft iedereen een andere grens. Tine gaat hier op een respectvolle manier mee om (ontwikkelingsniveau). Ze legt de beslissing bij Bram. Hierdoor is er sprake van een akkoord (toestemming). Tine creëert ruimte voor Bram om zelf te handelen (gelijkwaardigheid).  Doordat Tine in grijpt, krijgt Bram de tijd om het touwenparcours op zijn eigen tempo te doen. Zo wordt de impact kleiner.

casus 7

Een giver kaart aan dat hij zich niet comfortabel voelt bij iets wat vorig jaar op kamp gebeurde. De leiding neemt dit ernstig en gaat samen met hem in gesprek over hoe hij dit beleefde.

Deze situatie is oké. Nadat een giver zich kwetsbaar opstelde, reageerde de leiding hier met de nodige gevoeligheid op. Dit insinueert een gelijkwaardigheid. Er is geen sprake van dwang en het tempo van de giver wordt gevolgd (vrijwilligheid). De leiding voelt de gevoeligheid van iets wat vroeger gebeurde en mogelijks niet oké was en gaat op een goede manier om met hetgeen de giver aangekaart heeft (context).